Derde week coronaverhoren: wie mocht meepraten over de zorg en wie niet?
Wie werd gehoord in coronatijd? Wie mocht niet meepraten? En werd er wel verder gedacht dan acute crisisbestrijding? Deze week ging het in de verhoren van de coronacommissie over de druk op de zorg.
Epidemioloog Amrish Baidjoe richtte met andere wetenschappers tijdens de crisis een zogeheten 'Red Team' op. Ze deden dat na de eerste coronagolf in de zomer van 2020. Maatregelen werden afgeschaald, terwijl besmettingen weer opliepen. "Kritische reflectie" was nodig, want tussen de coronagolven door ging "de urgentie" verloren, vonden zij.
De groep was kritisch op versoepelingen en op de "wirwar" aan communicatie. Bij mensen in "lagere sociaaleconomische groepen", die onevenredig hard werden geraakt door de maatregelen, kwam de boodschap vaak niet aan.
Beleefdheidsgesprekken
Hetzelfde gold voor de boodschap van Baidjoe zelf. Met het officiële adviesorgaan Outbreak Management Team werden slechts "beleefdheidsgesprekken" gevoerd en ook op de koffie bij zorgminister Hugo de Jonge voelde hij zich niet serieus genomen. Na een jaar stopte het Red Team ermee, omdat "alles al was gezegd".
Iemand die wel gehoor kreeg, was Diederik Gommers, voorzitter van de vereniging van ic-artsen, OMT-lid en destijds mediapersoonlijkheid. Aan het begin van de pandemie werd met man en macht gezocht naar manieren om het aantal ic-bedden op te schalen. Geld was niet het probleem, personeel wel, benadrukte Gommers in zijn verhoor.
Ic-verpleegkundigen waren in paniek over voorstellen om het aantal bedden te verhogen, vertelde Bianca Buurman. Zij was voorzitter van de beroepsvereniging voor verpleegkundigen. In de Kamer kwamen PvdA en PVV met een idee om het aantal plekken te verhogen naar 3000. "Dat was wensdenken. Het kon helemaal niet." Uiteindelijk gebeurde het dus ook niet; er werd opgeschaald van zo'n 900 bedden naar ongeveer 1300.
De enquêtecommissie had deze week ook aandacht voor 'de andere kant' van het verhaal. Rob Elens noemde zichzelf tijdens zijn verhoor "coronacriticus". Hij was huisarts in het Limburgse Meijel en kwam tijdens de coronacrisis in opspraak, omdat hij zich niet aan richtlijnen hield. Zo schreef hij medicijnen voor waarvan de werking niet bewezen was.
Toen het coronavirus om zich heen greep, werd Elens' praktijk hard geraakt. "In drie weken tijd overleden dertien mensen, terwijl ik normaal één sterfgeval per maand heb." De huisarts putte hoop uit een medicijnencocktail die een arts in New York gebruikte.
Tuchtzaak
Elens ging de cocktail ook gebruiken en zag verbetering bij patiënten. "Dat kan toch geen toeval zijn?", dacht de huisarts, die er de publiciteit mee zocht. De inspectie dacht er anders over. De werking was niet wetenschappelijk bewezen en er konden ernstige bijwerkingen zijn, zoals hartritmestoornissen. Er kwam een tuchtzaak, Elens werd beboet. Later bleek dat minister De Jonge de Inspectie had aangespoord om de huisarts af te stoppen.
'Waarom is Hugo zo achter mij aangegaan?', wilde Elens weten:
De Jonge, die nog zal worden verhoord, stuurde een appje over Elens aan inspecteur-generaal Marina Eckenhausen. "Weet dat ik er bovenop zit in alle opzichten", stuurde ze terug. "Als we een hard en houdbaar argument vinden, gaan we er zeker voor."
Elens werd niet lang daarna bestraft, maar volgens Eckenhausen had dat niks te maken met politieke druk. "Het is heel gebruikelijk dat bewindspersonen mij appen, iedereen mag signalen doorgeven." De inspectie maakte volgens haar een eigen afweging.
Veenbrandjes
Eckenhausen schetste in haar verhoor een spanningsveld tussen waar wel en waar geen aandacht naartoe ging. Terecht stonden ziekenhuizen in de belangstelling, aldus Eckenhausen, want daar waren problemen zichtbaar. "Waar de grote brand is, gaat iedereen kijken, maar je hebt ook veenbrandjes en stil leed."
Ze noemde onder meer de gehandicaptenzorg, maar ook jongeren die hard werden getroffen door maatregelen. "Medisch kwetsbaren zijn niet de enige kwetsbaren." Kennis en middelen hadden wellicht anders verdeeld kunnen worden, zei de oud-inspecteur-generaal. Maar dat sommigen "te veel" hadden gekregen, ging Eckenhausen te ver. "Dat is ingewikkeld."
Buurman voegde aan de 'vergeten groepen' verpleegkundigen toe, die "de hele dag naast patiënten en cliënten stonden". Ze hadden het zwaar, vielen uit en hun stem werd in het begin van de crisis "onvoldoende gehoord". Buurman had het niet gek gevonden om iemand aan het OMT toe te voegen. "Je moet weten hoe het er in de praktijk aan toegaat."
En Buurman, ook hoogleraar Acute Ouderenzorg, stipte zaken aan in de ouderenzorg. Ze vroeg in het voorjaar om preventieve mondkapjes en een beter testbeleid in verpleeghuizen. Het OMT wilde daar toen niet aan. Er kwam wel een bezoekverbod in verpleeghuizen, omdat werd gevreesd voor snelle verspreiding onder deze kwetsbare groepen.
De gevolgen voor de ouderen en hun familie waren "ongelofelijk ingrijpend", zei Buurman. Er was eenzaamheid, verwarring en ouderen stierven zonder vertrouwde gezichten om hen heen. Met dat laatste is een grens overschreden, vindt Gommers achteraf. "Dit soort maatregelen mogen wij nooit meer nemen. Je kunt niet alleen doodgaan, daar ben je niet voor op de wereld gezet." Hoe dit dan wel zou moeten bij zo'n gevaarlijk virus, zei Gommers niet.